2018-10-27---Noche-Cubana-Vrienden-van-Cuba

Logo Coord Blokkade kl

                                    Meer Info

Affiche C50

TTIP CETA

Meer info

flyer voorkant

Meer info

Delen van artikels

Ruim 100 aanwezigen voor het tweede lunch-debat van de FRDO op 20 oktober, met als onderwerp economische groei. Door groei kan men de welvaart van een land en zijn inwoners vergroten, de overheidsschuld terugbetalen, werk creëren ... Maar gaat dat soms niet ten koste van onze leefomgeving, van ons welzijn, en van de belangen van de inwoners in ontwikkelingslanden? Houdt groei geluk in voor iedereen, en hoe verhoudt een steeds toenemend BBP zich tot duurzame ontwikkeling?

Uitgangspunt voor het debat was een pleidooi voor groei, met name het boek « Groei maakt gelukkig » van Peter De Keyzer, hoofdeconoom van BNP-Paribas-Fortis. In dit boek onderstreept de auteur de noodzaak van de vrije markt en economische groei voor het verzekeren van welvaart voor iedereen. De tweede spreker was Philippe Pochet, directeur van het European Trade Union Institute (ETUI), en Brent Bleys, professor faculteit Economie van de Universiteit Gent, leidde het gesprek. Het debat spitste zich toe op twee centrale thema’s: groei en sociale rechtvaardigheid, en groei en de planeet.

Groei en sociale rechtvaardigheid
Mening 1: In een wereld zonder groei wordt vooruitgang van de ene betaald door de achteruitgang van de andere (P. De Keyzer)
Mening 2: Bij grotere gelijkheid in de samenleving gaan niet alleen de armsten er op vooruit, maar verbetert de levenssituatie van de meeste mensen (Richard Wilkinson)
Peter De Keyzer onderstreept dat voor hem groei niet hetzelfde betekent als accumulatie, het opstapelen van bezittingen. Groei leidt tot meer keuzemogelijkheden, voor consumptie maar bijvoorbeeld ook om minder lang te werken. Dankzij groei kloppen we minder lange werkdagen, is kinderarbeid bij ons uitgebannen, kunnen we een degelijke gezondheidszorg betalen ... Wanneer je de politieke verlanglijstjes voor de verkiezingen bekijkt, stel je vast dat er geen enkele te realiseren valt in een situatie van minder groei.

« Groei kan in een eerste fase de ongelijkheid doen toenemen (cf China en Brazilië vandaag), maar zoals Kuznets in zijn befaamde curve illustreerde, neemt dit fenomeen nadien af. Zo haalt België vandaag, na herverdeling, het laagste ongelijkheidscijfer van de OESO. Ook mondiaal blijkt uit een recente OESO-studie dat de ongelijkheid afgenomen is. De globalisering heeft er immers voor gezorgd dat een deel van de productie van het Westen naar de lageloonlanden verhuisd is, waardoor die laatste erop vooruit gegaan zijn. »

Philippe Pochet gelooft niet in de “trickle-down” economie. “Groei heeft na de tweede wereldoorlog iedereen vooruitgeholpen, maar vandaag is het herverdelend aspect grotendeels weggevallen. We zitten in tegenstelling tot een halve eeuw geleden, met een enorme kapitaalstock, die zeer ongelijk verdeeld is. Zoals Thomas Picketty aangetoond heeft, gaat de Kuznets curve hier niet op: de VS is er de jongste drie decennia alleen maar
ongelijker op geworden, en dat zal er niet op verbeteren omdat de return op kapitaal groter is dan die op arbeid – en die accumulatie van rijkdom is het grootst aan de top.”

“Dit is geen gezonde situatie, ook niet voor de rijken. Het citaat van Richard Wilkinson is de nagel op de kop: in ontwikkelde landen is inkomensongelijkheid bepalender voor welzijn en gezondheid dan groei, en meer gelijkheid is in ieders belang. Ik pleit dan ook voor een transitie van onze samenleving die rekening houdt met dit aspect van rechtvaardigheid. Een mooi voorbeeld is dat van de staat Californië, waar de burgers ervoor gestemd hebben de rijken meer te belasten en dat geld te investeren in onderwijs en klimaatbeleid.”

Peter De Keyzer: “Mensen staren zich soms blind op de topvermogens wanneer je over ongelijkheid praat. Wat is aanvaardbaar, 10 superrijken, 100, 1.000, 10.000? Die rijken betalen ook het meest belasting, en dat is dus ook een return voor de samenleving. Dit hoeft geen probleem te zijn als er voldoende mobiliteit is van onderuit, als minder begoede mensen de kans krijgen hun lot te verbeteren.”

Philippe Pochet: “Maar die mobiliteit is er niet op verbeterd, kijk maar naar de VS – Paul Krugman wees er terecht op dat de schoenlapper die miljonair wordt, een mooie mythe is. De realiteit is die van een elite die zichzelf reproduceert, en de concentratie van rijkdom is alleen maar toegenomen.”

Groei en de planeet

Mening 1: What we meant in 1972 in “The Limits to Growth”, and what is still true, is that there is simply no endless physical growth on a finite planet. Past a certain point, growth ceases. Either we stop it … by changing our behaviour, or the planet will stop it. 40 years later, we regret to say, we basically have not done anything. (Dennis Meadows)
Mening 2: Het gemeenschappelijke kenmerk van allen is dat ze de menselijke mogelijkheid tot innovatie structureel onderschatten. De nieuwe technologieën die onze milieu- en grondstoffenproblematiek beheersbaar zullen maken, komen er wel degelijk. (P. De Keyzer)

Het recente Living Planet Report van WWF wees er nogmaals op hoe onze ecologische voetafdruk blijft toenemen terwijl de biodiversiteit achteruitgaat. In combinatie met de mondiale bevolkingsexplosie, houden onze economische activiteiten een enorme druk in op onze leefomgeving – zowel waar het gaat om de input van productie en consumptie (uitputting van grondstoffen, fossiele energiebronnen en natuurlijke hulpbronnen zoals visbestanden) als de output ervan (lucht-, water- en bodemverontreiniging, uitstoot van broeikasgassen). Legt dit een hypotheek op de groei?

Peter De Keyzer: « Wat de bevolkingsexplosie betreft, is het zo dat Thomas Malthus reeds in de 18e eeuw waarschuwde voor de gevaren ervan : er zou niet genoeg voedsel voorhanden zijn om alle monden te voeden. Ondertussen zijn er niet 1 miljard mensen op de planeet zoals toen, maar 7 miljard, en is hun levensverwachting toch ongeveer verdubbeld. Demografische processen zijn verbonden met de evolutie van het welvaartspeil, en op een bepaald moment zal de bevolkingsstabilisering – die we nu kennen in het Westen – gemeengoed zijn. En ik ben ervan overtuigd dat het mogelijk moet zijn die mensen betere levensomstandigheden te garanderen – Afrika zit nu slechts aan 20% van wat het continent aan voedsel zou kunnen produceren mits betere landbouwtechnieken. Wat vervuiling en koolstofuitstoot betreft, dit zijn externaliteiten die inderdaad gereguleerd moeten worden. Hier dient de overheid zijn rol te spelen, en ik vind zaken als een koolstoftaks of een congestietaks (bv om Brussel binnen te rijden in de spits) volkomen aanvaardbaar. Ook op het vlak van obesitas en vleesconsumptie zijn maatregelen nodig. Het prijsaspect speelt hierbij steeds een belangrijke sturende rol : dat we vandaag slechts evenveel olie verbruiken als in de jaren ’70 heeft ongetwijfeld ook te maken met het feit dat de prijs per vat sindsdien het viervoudige bedraagt. De energie-intensiteit van onze economie neemt af, en ook de koolstofintensiteit van de energie is gedaald in ons land.»

Philippe Pochet: “De druk van de menselijke activiteiten op de planeet is enorm, en we kunnen niet verder doen op deze manier. De rapporten van onder meer het IPCC zijn duidelijk genoeg. Er is een transitie nodig, en een aantal coherente maatregelen om die maatschappelijke verandering in gang te zetten. Technologie is een onderdeel daarvan, daar ben ik het met mee eens – denk maar aan de ontwikkeling van wind- en zonne-energie, die nu al goedkoper zijn dan steenkool. Maar technologie is slechts een eerste stap, we zullen er ook moeten toe komen onze productie en consumptie anders in te vullen. Dat is een moeilijker proces, dat meer tijd en inspanning zal vergen. Want het is inderdaad zo dat er in België een ontkoppeling heeft plaatsgevonden tussen de groei van onze economie enerzijds en het energieverbruik en de koolstofuitstoot anderzijds, maar dat komt omdat een belangrijk deel van de energie-intensieve en vervuilende productie van onze consumptiegoederen nu in het buitenland plaatsvindt.”

Beide sprekers zijn het er over eens dat een mondiale aanpak nodig is van de problematiek, waarbij iedereen zijn verantwoordelijkheid neemt. Samenwerking in plaats van concurrentie zou het leidmotief moeten zijn, meent Philippe Pochet – bv wat de aanpak van multinationals en fiscale paradijzen betreft. Peter De Keyzer is eerder sceptisch over de slaagkansen van een “global governance”, gegeven de tegengestelde belangen binnen de G20, de BRIC-landen ... Het is hoe dan ook een moeilijke oefening om het welzijn op korte termijn van de bevolking te verzoenen met langere-termijn doelstellingen zoals die van de klimaatstabilisering.

Moderator Brent Bleys besloot het debat met de vaststelling dat het de moeite zou lonen om nader in te gaan op een aantal stellingen die geformuleerd werden, en met een oproep aan de FRDO om vaker sprekers met uitgesproken meningen aan bod te laten komen.

Verslag opgemaakt door de Federale Raad voor Duurzame Ontwikkeling (FRDO)
http://www.frdo-cfdd.be/nl