Koopkrachtplakkaat

EnergieplakkaatC

173646265 10222054268599783 1356797931624160070 n

Delen van artikels

Het geweld neemt toe omdat de ongelijkheid in een samenleving ons gevoeliger maakt voor het beeld dat men van ons heeft en ons bang maakt dat men ons niet zal respecteren. Aldus een opiniestuk van Richard Wilkinson dat verscheen in De Morgen van 12 april j.l. en dat wij met toelating van de autaur overnemen.

Nu we over statistieken beschikken die nauwkeurige internationale vergelijkingen mogelijk maken, tonen de cijfers onmiskenbaar aan dat gelijkere maatschappijen, waar de inkomensverschillen tussen rijk en arm kleiner zijn, vriendelijker zijn en meer samenhang vertonen: het gemeenschapsleven is er sterker, mensen hebben er meer vertrouwen in elkaar, er is minder misdaad en geweld. De diepe menselijke intuïtie dat ongelijkheid verdeeldheid zaait en de maatschappij ondermijnt, is dus juister dan we ons konden voorstellen.

Maar daar blijft het niet bij. In meer ongelijke maatschappijen zijn mensen ook minder gezond en leven ze minder lang. Ze hebben meer last van drugsproblemen en geestesziekten. Het kinderwelzijn is er kleiner en kinderen presteren er minder goed op school. De cijfers voor tienerzwangerschappen, zwaarlijvigheid en geweld zijn er hoger en er zitten verhoudingsgewijs meer mensen in de gevangenis.

Wij hebben eerst de gevolgen van inkomensongelijkheid tussen rijke ontwikkelde landen onderzocht en daarna onze resultaten in een andere omgeving gecontroleerd door te kijken of we hetzelfde patroon terugvonden bij de vijftig staten van de VS. De overeenkomsten waren opvallend duidelijk: de staten met meer ongelijkheid hadden meer last van bijna alle gezondheids- en maatschappelijke problemen. Uit de cijfers blijkt dat heel de samenleving meer disfunctioneel wordt naarmate de inkomensverschillen tussen rijk en arm groeien.

De verschillen tussen meer of minder gelijke samenlevingen zijn vaak enorm. De cijfers voor kindersterfte en geestesziekten kunnen in de meest ongelijke samenlevingen van de rijke ontwikkelde landen twee tot drie keer hoger liggen dan in de meest gelijke. Maar het aantal tienermoeders, de verhouding van de bevolking die in de gevangenis zit en soms het moordcijfer kunnen het achtvoud of zelfs het tienvoud zijn.

Die verschillen zijn zo groot omdat de voordelen van meer gelijkheid zich niet beperken tot de armen of tot de bewoners van kansarme wijken. Hoewel de voordelen van meer gelijkheid het grootst zijn bij mensen die lager op de sociale ladder staan, wint ook het meer gefortuneerde deel van de bevolking bij meer gelijkheid. Dat betekent dat de grote meerderheid van de mensen het in meer ongelijke samenlevingen slechter heeft. Zelfs hoog opgeleide mensen uit de middenklasse met een goed inkomen hebben meer kans op een langer, gezonder leven en zullen minder gemakkelijk het slachtoffer worden van geweld wanneer ze in een gelijke maatschappij leven. Hun kinderen zullen het beter doen op school en zullen minder waarschijnlijk drugs gebruiken of tienerouders worden.

Die patronen hebben belangrijke implicaties voor ons begrip van de distributie en de oorzaken van de problemen in elke samenleving. Men zou kunnen denken dat zoveel problemen onderaan op de sociale hiërarchie erger zijn omdat kwetsbare mensen op de sociale ladder dalen en sterke mensen erop stijgen alsof de sociale mobiliteit ons volgens onze sociale kwetsbaarheid sorteert. Maar zelfs als iedereen perfect over de sociale ladder verdeeld zou zijn volgens zijn vatbaarheid voor deze problemen, kan het sorteerproces op zich niet verklaren waarom het geheel van een samenleving zoveel gevoeliger is voor problemen naarmate haar inkomensverschillen tussen rijk en arm groter zijn.

Een andere courante visie is dat de problemen het resultaat zijn van absolute armoede en slechte materiële omstandigheden alsof bakstenen en mortel volstaan om tienerzwangerschappen of hartziekten te veroorzaken. Maar bij de rijke landen bestaat er geen verband tussen het bruto nationaal inkomen per hoofd van de bevolking en de omvang van de problemen. Het feit dat de VS dubbel zo rijk zijn als Griekenland of Portugal, maakt geen verschil. De cijfers lijken er integendeel op te wijzen dat gezondheids- en sociale problemen op allerlei manieren een reactie zijn op een lage sociale status en de verdeling in sociale klassen.

Ongelijkheid beïnvloedt ons zo sterk omdat ze ons van elkaar scheidt. Sociale verdeeldheid schept gevoelens van meerderwaardigheid en minderwaardigheid. Ongelijkheid verzwakt het sociale weefsel en de kwaliteit van de sociale betrekkingen, terwijl ze de statusconcurrentie en de statusonzekerheid vergroot. Wij maken ons zorgen over de manier waarop anderen ons zien en waarderen. De toenemende statusconcurrentie spoort ons aan om meer te consumeren, zodat we meer schulden maken terwijl we proberen om gelijke tred te houden met de anderen en de wereld een succesvol gezicht te tonen. Het geweld neemt toe omdat de ongelijkheid ons gevoeliger maakt voor het beeld dat men van ons heeft en ons bang maakt dat men ons niet zal respecteren, dat men op ons neer zal kijken twee courante factoren die aanzetten tot geweld. Ongelijkheid doet bovendien de druk op het gezin toenemen en heeft een negatieve weerslag op de ontwikkeling van de kinderen, vooral lager op de sociale ladder.

Twee heel verschillende routes lijken naar een meer gelijke maatschappij te kunnen leiden. Landen als Zweden beginnen met grote inkomensverschillen en verkleinen de kloof door middel van hoge belastingen en royale uitkeringen. Andere landen, zoals Japan, doen het even goed als Zweden maar hebben veel lagere belastingen, omdat de onbelaste inkomensverschillen er kleiner zijn.

De manier waarop een samenleving gelijker wordt, lijkt niet belangrijk, als ze er maar in slaagt.

Richard Wilkinson is emeritus-professor sociale epidemiologie aan de universiteit van Nottingham. Kate Pickett is professor epidemiologie aan de universiteit van York. Zij zijn de auteurs van het boek “The Spirit Level. Why equality is beter for everyone” .

Richard Wilkinson gaf gisteravond een uitverkochte MO*lezing in de Beursschouwburg in Brussel. Hij ging er in debat gaat met Frank Vandenbroucke en Alexander De Croo.

Info: http://www.MO.be/molezing en www.equalitytrust.org.uk